Obesitas is een chronische ziekte
Obesitas wordt internationaal erkend als een chronische ziekte: een teveel aan lichaamsvet dat de gezondheid kan schaden. Het is geen voorbijgaande toestand en ook geen gebrek aan discipline. Het lichaam regelt het gewicht zelf, via hormonen en hersengebieden die honger en verzadiging sturen. Bij obesitas verdedigt het lichaam een hoger gewicht. Daardoor is het moeilijk om gewichtsverlies op eigen kracht vast te houden. Daarom vraagt obesitas om een medische aanpak, net als andere chronische aandoeningen.
Bron: de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) en internationale richtlijnen erkennen obesitas als een chronische ziekte.
Obesitas is multifactorieel
Obesitas ontstaat zelden door één oorzaak. Meestal werken meerdere factoren samen, en die verschillen per persoon:
- Leefstijl: wat u eet, hoeveel u beweegt en hoe u slaapt.
- Aanleg en hormonen: erfelijke factoren en de manier waarop uw lichaam honger, verzadiging en de stofwisseling regelt.
- Mentale en sociale factoren: stress, emoties en hoe u in uw vel zit.
- Medicijnen en aandoeningen: sommige medicijnen of een onderliggende ziekte, zoals een traag werkende schildklier, kunnen gewicht doen toenemen.
- Leefomgeving: een ruim aanbod van calorierijk voedsel en weinig noodzaak om te bewegen.
Juist omdat er zoveel factoren meespelen, is obesitas geen kwestie van één verkeerde keuze. Dat verklaart ook waarom een aanpak op maat nodig is, die rekening houdt met wat bij u een rol speelt.
Bent u benieuwd welke factoren een rol spelen bij uw overgewicht? U kunt deze vrijblijvende vragenlijst invullen. Die brengt de mogelijke oorzaken voor u gedetailleerder in kaart, en wordt ook door Alveon Clinic gebruikt tijdens de medische intake.
Bron: richtlijnen voor de behandeling van obesitas (o.a. FMS, 2023) beschrijven obesitas als een multifactoriële, chronische aandoening.
Hoe wordt obesitas vastgesteld?
De BMI (Body Mass Index) is het gangbare vertrekpunt. Het is de verhouding tussen uw gewicht en uw lengte en geeft een eerste indeling:
| Categorie | BMI |
|---|---|
| Gezond gewicht | 18,5 tot 24,9 |
| Overgewicht | 25 tot 29,9 |
| Obesitas klasse I | 30 tot 34,9 |
| Obesitas klasse II | 35 tot 39,9 |
| Obesitas klasse III | 40 of hoger |
Bron: BMI-classificatie van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO).
BMI is handig, maar grof. Het zegt niets over waar het vet zit of over uw gezondheid. Daarom tellen ook de buikomvang en eventuele gezondheidsklachten mee. Wilt u uw eigen BMI berekenen en weten of behandeling passend is, kijk dan bij kom ik in aanmerking.
Nieuw: klinische en preklinische obesitas
In 2025 hebben internationale experts voorgesteld om obesitas niet langer alleen op de BMI te beoordelen, maar ook op wat het in het lichaam doet. Zij onderscheiden twee vormen:
- Klinische obesitas: overmatig lichaamsvet dat al leidt tot orgaanschade of klachten in het dagelijks leven. Dit wordt gezien als een ziekte op zichzelf.
- Preklinische obesitas: overmatig lichaamsvet zonder huidige klachten, maar met een verhoogd risico op gezondheidsproblemen in de toekomst.
Bij die orgaanschade of klachten gaat het bijvoorbeeld om hoge bloeddruk en hart- en vaatziekten, type 2 diabetes, leververvetting, slaapapneu en gewrichtsklachten zoals artrose van de knie. Ook beperkingen in het dagelijks bewegen tellen mee. Het overtollige vetweefsel is dan niet alleen een risico, maar veroorzaakt al aantoonbare schade of klachten.
Dit onderscheid helpt om obesitas gerichter te beoordelen: wanneer is het vooral een risicofactor, en wanneer is het een aandoening die nu al om behandeling vraagt. Het verklaart ook waarom de arts naar meer kijkt dan alleen een getal.
Bron: Commissie klinische obesitas, Rubino et al. (The Lancet Diabetes & Endocrinology, 2025).
Waarom het geen kwestie van wilskracht is
Veel mensen met obesitas zijn al vaak afgevallen en zagen het gewicht daarna weer terugkomen. Dat ligt niet aan een gebrek aan inzet. Zodra u afvalt, reageert het lichaam: de honger neemt toe, de verzadiging neemt af en het lichaam gaat zuiniger om met energie. Die reactie werkt het afvallen tegen en maakt blijvend gewichtsverlies op eigen kracht zwaar. Het verklaart waarom een medische behandeling, die hierop ingrijpt, voor veel mensen het verschil maakt.
Bron: na gewichtsverlies nemen hongersignalen toe en daalt het energieverbruik, een biologische aanpassing beschreven in onderzoek naar gewichtsverlies (o.a. Sumithran et al., The New England Journal of Medicine, 2011).
Obesitas is geen karakterkwestie. Het is een aandoening waarbij het lichaam een hoger gewicht verdedigt. Als ik dat uitleg, valt er bij veel mensen een last weg. Het maakt ook duidelijk waarom een medische aanpak vaak nodig is, en waarom de schuld niet bij henzelf ligt.
Wat dit betekent voor de behandeling
Omdat obesitas een chronische ziekte met veel oorzaken is, vraagt het om een aanpak die verder gaat dan tijdelijk minder eten. Leefstijl vormt daarbij de basis: de richtlijn stelt aanpassingen in voeding, beweging, slaap en omgaan met stress centraal in de behandeling. Anti-obesitasmedicatie kan die basis ondersteunen door in te grijpen op honger en verzadiging, maar vervangt die basis niet. De behandeling is bovendien gericht op de lange termijn, niet op een snelle daling.
Bron: richtlijn behandeling van obesitas (FMS, 2023), waarin een gecombineerde leefstijlinterventie de basis van de behandeling vormt.
Hoe de medicatie binnen die aanpak werkt, leest u bij de medicatie. Of behandeling in uw situatie passend is, beoordeelt de arts bij kom ik in aanmerking.
Laatst bijgewerkt: